Archief voor statistiek

Navelpluis.

Posted in Cijfers en Letters., De Waan van de Dag, Persweeën., writers blog with tags , , , , on 24/07/2015 by Pär Ongeluck

Enkele weken geleden publiceerde Kind en Gezin zijn jaarlijkse kinderarmoederapport (1). Dat lokte bij enkele bewindslieden van Kortrijk een typisch politieke reactie uit: als het ergens de goeie richting mee uitgaat, is dat dankzij hun beleid; gaat het de verkeerde kant op dan ligt dat aan ‘de wereldwijde crisis’ of ‘de slechte economische omstandigheden’. In ieder geval dragen zij daar nooit enige verantwoordelijkheid voor. Vreemd! Of toch weer niet. Het rapport van Kind en gezin verleidde Philippe De Coene, schepen van Sociale Zaken, op de microblogsite Twitter tot volgende uitspraak:

Kansarmoede in Kortrijk gedaald. Van 18% in 2012 naar 17,6 in ’13 naar 15,4 in ’14. Cijfers .

Praalhans Van Quickenborne kon natuurlijk niet achterblijven en klopte zichzelf flink op de borst met:

VincentVQuickenborne a retweeté Philippe De Coene

Sterk werk. Ons armoedebestrijdingsplan levert concrete resultaten op. Ministers en staatssecr: welkom vr inspiratie

Het leverde het stadsbestuur van Kortrijk zelfs felicitaties op van het gevreesde Groenjurylid, Matti Vandemaele (3):

‘…De cijfers kinderarmoede bijvoorbeeld zijn significant beter, dat bevestigen ook cijfers van externen. Een pluim die op de hoed van de stadscoalitie mag’.

Uiteraard plaatsten ook de kruipdieren van de lokale pers geen enkele kanttekening bij deze goednieuwsshow; kritisch nadenken is immers geen toetredingsvoorwaarde voor de journalistieke kaste. In Het Laatste Nieuws schrijft Peter Lanssens (2):

Kind & Gezin brengt een nieuwe kansarmoede-index uit. In Kortrijk leefde 15,4 procent van de kinderen vorig jaar in armoede. Dat is 2,2 procent minder dan in 2013 en 2,6 procent minder dan in 2012. Het armoedebestrijdingsplan met dertig miljoen euro over zes jaar werpt dus zijn vruchten af.

De cijfers die in de pers werden gepubliceerd zijn voor één keer wel correct. Toch enkele bemerkingen.

Om te beginnen is het onzin om cijfers over kindarmoede over een periode van 2 jaar te evalueren. Een schommeling van 2,6% betekent statistisch eigenlijk weinig of niets. Zeker in het geval van kindarmoede op gemeentelijk vlak. Over hoe veel of hoe weinig kinderen gaat het namelijk? Per jaar worden er ongeveer 850 kinderen geboren in Kortrijk; 2,4% daarvan is +/- 20. Akkoord, het is een vooruitgang maar echt significant is die niet. Als je cijfers over (kind)armoede wil vergelijken moet je vooral op langere termijn kijken. Op 10-15 jaar, bijvoorbeeld. Enkele cijfers: in 2001 klokte de kindarmoedebarometer van Kortrijk nog af op 6,2%; in 2006 was dat al opgelopen tot 7% en in 2012 zaten we in Kortrijk op 18%. In 2012 geen enkele politicus gehoord die de verantwoordelijkheid op zijn schouders nam voor die hallucinante stijging … De Coene (tot 2006) en Van Quickenborne (vanaf 2006) maakten in die periode om beurten ook deel uit van de meerderheid in het stadsbestuur. Erg geslaagd kan je de resultaten van hun beleid niet noemen. Maar dat ligt natuurlijk niet aan hen maar aan die ongrijpbare ‘crisis’. Waarom de verbetering van de cijfers nu plots wel aan hen zou te danken zijn, is mij dan ook een raadsel. Tenzij ze ook bereid zijn te tekenen voor de achteruitgang … En 20 kinderen minder in kansarmoede voor een prijs van 30 miljoen euro (het is mij een raadsel waar die ‘journalist’ van Het Laatste Nieuws dat bedrag vandaan heeft …) is wel een bijzonder pover resultaat.

Het is ook onzin om armoedecijfers op gemeentelijk vlak te bekijken. Zo veel impact heeft het gemeentelijk beleid echt niet op de armoede. De stijgingen (en dalingen) van de kindarmoede zijn vrij gelijklopend in alle centrumsteden: lager in 2001, licht stijgend (in de meeste gevallen) tot 2006 en sterk stijgend tot 2012, in bijna alle gevallen een daling in 2014. Twee opvallende vaststellingen toch: waar de kindarmoede al zeer hoog was, is die de laatste jaren nog toegenomen en in de periode 2001-2014 is er maar 1 centrumstad waar men de kindarmoede licht heeft teruggedrongen: Mechelen (van 14,4% in 2001 naar 11,5% in 2014). Wat Kortrijk betreft, valt nog te noteren dat deze stad in 2001 van alle centrumsteden de negende plaats bekleedde en in 2014 gestegen is naar een zesde plaats. Van een succesvol beleid gesproken … De waarheid is gewoon dat Kortrijk – zoals de meeste centrumsteden – ruim boven het gemiddelde van het Vlaams Gewest scoort. Enkel Aalst, Brugge en Hasselt deden het in 2014 beter dan het gemiddelde van het Vlaams Gewest.

Van Quickenborne toeterde zelfvoldaan dat ‘ons armoedebestrijdingsplan levert concrete resultaten op. Ministers en staatssecr: welkom vr inspiratie’ . Maar klopt dat wel? Is de kindarmoede in Kortrijk werkelijk gedaald door het ingrijpen van het beleid? De cijfers lijken Van Quickenborne wel gelijk te geven – de kindarmoede daalde de afgelopen 2 jaar – maar een correlatie tussen twee vaststellingen betekent nog niet dat er ook een oorzakelijk verband is, zoals iedere iedere middelbareschoolstudent weet. Niet Van Quickenborne, dus. Het is niet de eerste keer dat Van Quickenborne een loopje neemt met statistische ‘bewijzen’. Deed hij eerder al met snelheidscontroles, alcoholcontroles, fietsongevallen, diefstallen, camera’s, … en nu dus met kindarmoede. Kan er iemand van zijn medewerkers hem eens het verschik uitleggen tussen een ‘correlatie’ en ‘oorzakelijk verband’? Of is hij werkelijk zo dwaas dat hij dat niet snapt?!? Indien niet dan is het pure kwaadwilligheid. En zelfgenoegzaamheid. Om te weten of het gevoerde beleid werkelijk een invloed heeft gehad is er veel en diepgaand onderzoek nodig. Onze beleidsmensen zijn daar overduidelijk niet toe in staat. En inspiratie opdoen in Kortrijk? Vergeet het maar. Tenzij Van Quickenborne natuurlijk bedoelde dat de excellenties in Kortrijk inspiratie kunnen opdoen van hoe je de burger een rad voor de ogen kunt draaien.

Om te weten of er een oorzakelijk verband is tussen de daling – of stijging want in feite is dat hetzelfde, maar dan omgekeerd – dien je eerst te weten hoe kindarmoede door Kind en Gezin wordt vastgesteld. Kind en Gezin hanteert volgende definitie: ‘Kansarmoede is een toestand waarbij mensen beknot worden in hun kansen om voldoende deel te hebben aan maatschappelijk hooggewaarde goederen, zoals onderwijs, arbeid, huisvesting. Het gaat hierbij niet om een eenmalig feit, maar om een duurzame toestand die zich voordoet op verschillende terreinen, zowel materiële als immateriële’. De toetsingscriteria die Kind en Gezin hanteert zijn: het maandinkomen van het gezin, de arbeidssituatie van de ouders, de opleiding van de ouders, de huisvesting, de ontwikkeling van de kinderen en de gezondheid. Deze zes criteria verwijzen naar zes domeinen waarop de leefomstandigheden van deze gezinnen zich onderscheiden van deze van vele andere gezinnen. Wanneer de leefomstandigheden van een gezin bij drie of meer van deze zes criteria zich op of onder de ondergrens bevinden, dan wordt het gezin als levend in kansarmoede beschouwd. Voor een goed begrip ook nog: kindarmoede gaat over kinderen tot 3 jaar. De vraag is nu: op welke vlakken greep het Kortrijkse beleid in waardoor de kindarmoede tussen 2012 en 2014 daalde? Bezorgde het Kortrijkse beleid 20 gezinnen een beter inkomen? Gaf het 20 kansarme gezinnen werk? Zorgde het voor een betere opleiding van 20 ouders van kinderen tussen 0 en 3 jaar? Huisvestte het twintig kansarme gezinnen met kinderen tussen 0 en 3 jaar in gezondere woningen? Ik weet het niet maar ik betwijfel het ten zeerste.

Er is trouwens nog een andere manier om de kindarmoedecijfers te doen dalen: je jaagt hen gewoon het huis uit. Kortrijk wil namelijk vooral ‘jonge tweeverdieners’ aantrekken. Dat doet men o.a. door verkrotte woningen af te breken en te vervangen door dure nieuwbouwhuizen en -appartementen. Ook het verstrengde asielbeleid kan voor gevolg hebben dat de kindarmoede daalt. Het aantal vreemdelingen – traditionele kandidaten om in armoede te verzeilen – daalde in Kortrijk van 4634 in 2012 naar 4563 in 2014 (4). Best mogelijk dat daar 20 kansarmoedige kinderen tussen staken. Het aantal vreemdelingen van Europese afkomst (maar geen EU-burgers) daalde in diezelfde periode van 673 naar 529. Het aantal vreemdelingen van Maghrebijnse, Turkse en andere nationaliteit daalde tussen 2012 en 2014 af van 2198 naar 2025. Ik bedoel maar: voor je je op de borst begint te kloppen dat de cijfers bewijzen dat het beleid werkt, moet je twee keer nadenken. In het geval Van Quickenborne lijkt zelfs 10 keer nadenken mij geen overbodige luxe. Onbegonnen werk, eigenlijk.

(1) op het moment van publicatie zijn er onderhoudswerken aan de website waar de gegevens van Kind en Gezin kunnen geconsulteerd worden. Dat zou nog tot zaterdag duren waardoor ik op dit ogenblik ook geen link naar het rapport kan plaatsen. De lezer zal mij dus – voorlopig – op mijn woord moeten geloven als ik cijfers uit het rapport citeer.

(2) http://www.hln.be/regio/nieuws-uit-kortrijk/kansarmoede-bij-kinderen-daalt-a2380086/

(3) https://mattivandemaele.wordpress.com/2015/06/30/wat-leren-ons-het-jaarverslag-en-de-jaarrekening-2014-van-de-stad/

(4) http://aps.vlaanderen.be/lokaal/pdf/gemeente-2014/Kortrijk.pdf

Advertenties