Archief voor justitie

Het staat in de krant. Geloof het dus vooral NIET.

Posted in Persweeën., Vlugschriften with tags , , , , , , on 17/12/2013 by Pär Ongeluck

Ergens moet het toch bestaan: een blik waar ze alle blinde, slaafse, onkritische, goedgelovige, apathische onbenullen in opbergen die ooit eens in de buurt van een pen hebben geslapen. Op gezette tijden eentje vist men er dan eentje uit en bombardeert die ‘journalist’. Vorig weekend was het weer van dattum: ene KVO illustreerde met zijn/haar bijdrage over de staking bij de ambtenaren van de FOD Justitie (zie: www.nieuwsblad.be/article/detail.aspx?articleid=dmf20131213_00886506) heel treffend waarom je als gewone burger geen enkel vertrouwen mag en kunt hebben in de (lokale) pers. Volgens dat artikel is ‘minister van Justitie, Annemie Turtelboom (Open VLD), kop van jut. Zij wil een nieuw statuut invoeren vanaf januari 2014. Vooral het feit dat de zogenaamde competentiepremie wordt afgeschaft, vindt men in Kortrijk spijtig’. KVO maakt met zijn/haar stukje vooral duidelijk dat hij of zij echt niet weet waar de klepel in dit sociaal conflict hangt; ook geen enkele moeite doet om het te doorgronden; (lokale) journalisten noteren – zeker in Kortrijk – enkel wat hen wordt voorgekauwd. Het is namelijk helemaal niet Annemie Turtelboom die verantwoordelijk is voor dat nieuwe statuut en de afschaffing van de competentiepremie, maar staatssecretaris Hender-ikje Bogaert (CD&V), weliswaar onder het toeziend oog van de voltallige regering. Met inbegrip dus van de goedkeuring van de liberalen en die liberalen die zichzelf socialisten wanen en noemen. Dat nieuwe statuut geldt trouwens voor alle federale ambtenaren. Niet alleen voor die van justitie. In feite kan je zelfs niet meer van een statuut spreken. KVO heeft zich met die ‘kop van jut’ van Turtelboom gewoon iets op de mouw laten spelden door de ACV’er van dienst, die het waarschijnlijk wat moeilijk had om een geestesgenoot als boeman aan te wijzen.

Louter als achtergrondinformatie: Hender-ikje Bogaert is de zoon van de Jabbeekse sigarenfabrikant Bogaert, een bedrijf dat in de streek vooral bekend stond om zijn lamentabele sociale omstandigheden. Verkocht in juni 2007 die sigarenfabriek aan Swedish Match, dat enkele maanden later de boel sloot. Ondertussen richtte snoeper Hender-ikje zijn pijlen op een andere markt: pralines. Richtte een productiebedrijf op in China en beloofde in mei 2010 vast werk voor een vijftigtal mensen in Jabbeke; kreeg op basis daarvan in oktober 2010 zeven miljoen euro toegestopt van de GIMV, dat voor 27% in handen is van de Vlaamse overheid. Nog geen jaar later werd de Jabbeekse vestiging, waar amper 5 arbeiders waren tewerkgesteld, gesloten…. De 7 miljoen euro bleven natuurlijk wel bij Hender-ikje. In zijn bedrijf in China, dus. Misschien moet die andere West-Vlaming, de zelfverklaarde fraudebestrijder Crombez, het fiscaal dossier van Bogaert maar eens ten gronde uitspitten. Personeel heeft hij alleszins meer dan genoeg. Uiteraard heeft dat allemaal niets te maken met de hertekening van de ambtenarenloopbaan van staatssecretaris Bogaert, maar het geeft wel aan op wie de vakbond – in dit geval dus het ACV – zijn pijlen echt moet richten. Een journalist met een minimum aan kritisch denkvermogen en beroepsfierheid zou zich ook nooit zo in de luren hebben laten leggen als KVO. ‘Check uw bronnen’…. al slaan ze het er honderdduizend keer met een voorhamer in, bij sommigen lukt het blijkbaar nooit. En wat nog erger is: net die krijg je elke dag in je krant te lezen.

Advertenties

In alle proximiteit: Stefaan, de klerk, is getrancheerd.

Posted in Kortrijkse zendelingen, Vlugschriften with tags , , , , on 29/07/2009 by Pär Ongeluck

Stefaan, de klerk van justitie, lijdt aan een ziekte die recent nog in een artikel in het vooraanstaand medisch vakblad the Lancet door de Indiase professor Nit Wit nader werd toegelicht. Het ziektebeeld kenmerkt zich door een voortdurende neiging om alledaagse zaken met niet-alledaagse woorden te omschrijven om zo bij de toehoorders verkeerdelijk de indruk te wekken dat men a) zelf een intelligent iemand is die b) verstandige dingen vertelt.  Deze, vooral voor de omgeving, uiterst vervelende aandoening, die enige verwantschap heeft met ASPS en pseudologia phantastica, komt bij advocaten en andere juridisch geschoolde onbenullen zo frequent voor dat er in de schoot van het FBZ zelfs een werkgroep werd opgericht om deze als beroepsziekte te erkennen. Gezien de wankele financiële toestand van het land kan dit evenwel nog even op zich laten wachten. Bovendien zijn de tegenstanders van dergelijke erkenning ervan overtuigd dat niet zozeer de patiënten als wel hun toehoorders de werkelijke slachtoffers zijn.

Een voorbeeld maakt het allemaal iets duidelijker.

Nog voor er van een helicoptersaga en andere gevallen van ‘escapisme’ sprake was, wist Stefaan, de gevierde demagoog van justitie, ons tijdens een interview op de nationale tv, met onverholen trots te melden dat hij justitie dichter bij het volk zou brengen. ‘Proximiteit’, zo luidt het nieuwe toverwoord, aldus de man.

Nu twijfel ik er geen ogenblik aan dat ‘proximiteit’ correct Nederlands is maar hoeveel van de rechtsonderhorigen hebben dit woord al eens eerder gehoord? En hoeveel van hen die het al eerder gehoord hebben, snappen ook wat hij ermee bedoelt? Stefaan gebruikt maar al te graag en al te vaak dure stadhuiswoorden omdat zoiets geleerd overkomt. Dan denkt de goegemeente: “o, wat een slimme man is dat toch!” Begrijpen doet niemand hem en dus móet hij wel slim zijn, is de onderliggende redenering. Om zijn aureool van intelligentie nog wat meer luister te geven had de man het even later, in datzelfde interview, over ‘trancheren’. Ongetwijfeld ook een correct Nederlands woord maar in de context van zijn betoog met zoveel dichterlijke vrijheid gebruikt dat enkel een professor in de linguïstiek ’s mans logica nog kon volgen. Geen journalist echter die daarover maalt. Soms vraag ik mij af of die journalisten wel luisteren naar wat hun geïnterviewde vertelt. Tot hun verdediging kan aangehaald worden dat luisteren naar iemand als Stefaan, de klerk van justitie, inderdaad een helse beproeving is, die niet tot geboeid luisteren uitnodigt.  Meestal knikke(bolle)n de semi-geïnteresseerde interviewers wat schaapachtig terwijl Stefaan zijn betoog verderzet.

In ieder geval bereikt Stefaan, de klerk van justitie, met zijn gekunstelde en hoogdravende taalgebruik, net het omgekeerde van wat hij ons wijsmaakt te willen bereiken: justitie dichter bij de mensen brengen. Zijn manier van communiceren is zo volkomen in tegenspraak met de inhoud van zijn boodschap dat er zelfs ernstige twijfels rijzen over de oprechtheid van zijn bedoelingen. Logopedie zou enig soelaas kunnen bieden, zoveel is zeker, maar mij lijkt de snelle aanwerving van een communicatiedeskundige minstens even onontbeerlijk.

Hoe ver staat het trouwens met die zo luid aangekondigde hervorming van justitie, waarvan de krijtlijnen nog voor het zomerreces zouden uitgetekend zijn?

Ah, ja,  Assisen wordt hervormd! De procedure ingekort, juryleden beter op hun taak voorbereid en hun besluiten – schuldig of niet – moeten in het vervolg – als gevolg van een veroordeling door Europa en niet op initiatief van de minister – gemotiveerd worden, hier en daar zijn er ook wat mogelijkheden (possibiliteiten, wellicht!) om zaken naar de correctionele rechtbank door te schuiven (correctionaliseren!) en nog enkele van die dingen meer, maar verder niks wezenlijks. Dat komt wel meer voor bij vooraf aangekondigde grote hervormingen, schijnt het.

Het is ook maar zeer de vraag of de beoogde vermindering van 27 naar 16 gerechtelijke arrondissementen – een tweede pijler van de Grote Hervorming – justitie zoveel dichter bij de bevolking zal brengen. Volgens Stefaan zou dit moeten resulteren in meer specialiseerde magistraten wat dan weer tijdswinst zou moeten opleveren. Let op het ‘zou’! Gemakshalve ‘vergeet’ Stefaan, de klerk van justitie echter dat schaalvergroting nog nooit iets dichter bij de mensen gebracht heeft. Eerder het tegendeel is waar: hoe groter de schaal en hoe hoger de specialisatie hoe verder van het volk. Dat juist een minister, gespecialiseerd in onduidelijkheid – zowel vormelijk als inhoudelijk – dergelijk voorstel formuleert mag niemand verwonderen.