Archief voor april, 2013

Ondertussen….in de papschool.

Posted in Vlugschriften, writers blog with tags , , , , , , , on 24/04/2013 by Pär Ongeluck

In Het Nieuwsblad van 18 april kondigt Stefaan Eeckhout, de korpschef van de politiezone Vlas, aan dat hij vervroegd met pensioen gaat (zie: http://www.nieuwsblad.be/article/detail.aspx?articleid=DMF20130417_00544457). Naar eigen zeggen ‘omdat burgemeester Van Quickenborne van de politie verwacht dat ze nog actiever zijn, terwijl daar geen extra agenten of centen tegenover staan’.

Zo’n klaagzang is niet uitzonderlijk. Ook bij de opmaak van de begroting 2012 – toen boezemvriend en beschermheer Stefaan De Clerck de lakens nog uitdeelde – weerde Eeckhout zich als een duivel in een wijwatervat, toen de politie geen verhoging van de dotatie van de stad Kortrijk kreeg. Eeckhout dreigde er toen ook mee minder blauw de straat op te sturen. Uiteindelijk kreeg Eeckhout toch zijn zin en werd de dotatie aan de politie later op het jaar in positieve zin herzien…. Maar dat was het tijdperk De Clerck.Van Quickenborne is anders. Waar de oude De Clerck meer een ritselaar was, is Van Quickenborne lomper en directer. Zelf zegt Eeckhout dat ‘burgemeester Van Quickenborne verwachtingen  heeft die hij niet kan inlossen’. Hij voegt er bij wijze van voorbeeld nog aan toe dat er ‘op dit moment zijn er 248 agenten in dienst in plaats van de nodige 271’. En dus kiest Eeckhout eieren voor zijn geld en vraagt hij zijn pensioen aan. Nogal kinderachtig allemaal: ik krijg mijn zin niet en dus stap ik op. Of, van de andere kant bekeken: hij deelt mijn mening niet en dus maak ik het hem zo lastig dat hij vanzelf ophoepelt. Leuk detail: Van Quickenborne was tot voor kort minister van pensioenen en wil dat we allemaal langer gaan werken. Hij zorgt hij er nu wel eigenhandig voor dat iemand die toch een belangrijke functie in zijn beleid bekleedt, er voortijdig de brui aan geeft (Let wel: de gepensioneerde Eeckhout zal misschien zelfs nog meer verdienen door hier en daar wat bij te klussen als deskundige spreker en lector en zo. Armoe of honger lijden zal hij in ieder geval niet).

Ten behoeve van de korpschef nog een kanttekening bij die personeelsbezetting van ‘zijn korps’. De personeelsformatie van de lokale politie Vlas werd in de politieraad van 23/10/2003 vastgelegd op 271 leden voor het operationeel kader en 41 leden in het administratief en logistiek kader. Niet 270, dus, zoals Eeckhout beweert. Hoeveel mensen er op dit ogenblik werkelijk in dienst zijn, weet ik niet. Best mogelijk dat het er nu 248 zijn, zoals Eeckhout in de krant zegt. In 2011 waren er echter gemiddeld – uitgedrukt in voltijdse equivalenten – 251,2 politiemensen in het operationeel kader en 48,4 werknemers in het logistiek kader. Het operationeel kader is dus onderbezet en het administratief kader overbezet. En wie is verantwoordelijk voor het invullen van die bezetting? Juist, ja, de korpschef, samen met de politieraad. Die politieraad werd jarenlang gepatroneerd door de Kortrijkse CD&V, met daarin een glansrol voor zijn goeie vriend Stefaan De Clerck…. Het wordt nog interessanter als je naar de verdeling per niveau kijkt. Op het hoogste niveau zou de politie 20 mensen moeten hebben. In de politiezone Vlas van de tandem Eeckhout-De Clerck zijn het er 26,3. In het middenkader daarentegen zouden er 58 mensen mogen zijn, maar het zijn er maar 46,1. Nog iets lager voorziet het kader 173 mensen, maar in werkelijkheid zijn het er 167,2. Op het laagste niveau voorziet men 20 mensen. In realiteit zijn er 11,6 in dienst. De aandachtige lezer merkt het meteen: het korps van Eeckhout is een Mexicaans leger: veel generaals en weinig voetvolk. Als men het heeft over ‘meer blauw op straat’ moet men vooral naar de twee laagste categorieën kijken: de agenten van politie en de inspecteurs; zij zijn het die voor het veiligheidsgevoel bij de burger moeten zorgen. In de politiezone Vlas zouden ze met 193 mogen zijn, maar er zijn effectief maar 178,8 mensen in dienst. En daar is Eeckhout, samen met de politieraad, verantwoordelijk voor. Dreigen met ‘minder blauw op straat’ is dus eigenlijk zijn eigen beleid afkraken. Het blauw op straat is in het verleden nooit een prioriteit geweest van dat beleid. Een ruime hofhouding cultiveren was dat wel. Of het met Van Quickenborne beter wordt is weer een andere vraag.

Het onevenwicht in de personeelsstructuur van de politiezone wordt ook weerspiegeld in de verdeling van de vergoedingen voor nacht- en weekendwerk en de vergoedingen voor ‘bereikbaarheid en oproepbaarheid’. Daar valt vooral de zelfbediening van de top van de politie op. In 2007 werden er 19.959 van die vergoedingen wegens beschikbaarheid en oproepbaarheid uitgekeerd; in 2011 was dat opgelopen tot 39.199. Een stijging van maar liefst 96,39%. De korpsleiding graaide er daar 2134 van mee. Voor niet-effectieve prestaties, welteverstaan…. Het aandeel vergoedingen voor effectieve prestaties nam de voorbije zes jaar overigens ook wel toe, maar lang niet zo spectaculair. Een grondige doorlichting van het vergoedingenstelsel van de politie lijkt mij in ieder geval geen overbodige luxe. Misschien een agendapuntje voor de extra gemeenteraad waar de CD&V nu op aandringt?

En terwijl we het nu toch over de kosten hebben: personeel maakt meer dan 80% uit van de vaste uitgaven in gewone dienst (Kortrijk betaalt een goeie 58% van de uitgaven in gewone dienst). Ieder jaar, bij de bekendmaking van de rekeningen, blijkt dat er op de uitgaven voor personeel een 500.000 tot 600.000 niet werd gerealiseerd. Er is dus een overschot. Dat overschot zou toch kunnen aangewend worden voor ‘meer blauw op straat’. Of niet?

Ten slotte: vorig jaar was de criminaliteitsbeeldanalyse van de politiezone Vlas eind maart al klaar. Nu is het bijna mei en er is nog niets. Vorig jaar lanceerde Stefaan ‘Sheriff’ De Clerck zijn Negenpuntenplan ter bestrijding van de criminaliteit. Benieuwd of daar iets van te merken zal zijn in de nieuwste uitgave van de ‘criminaliteitsbeeldanalyse’.

Live (?!?) stream.

Posted in Vlugschriften with tags , , on 15/04/2013 by Pär Ongeluck

Een half uur de live stream van de gemeenteraad van de stad Kortrijk bekijken is bijzonder verhelderend.

Wat eerst opvalt is dat de gemeenteraadsleden, zonder uitzondering, allemaal camerageil zijn. Allemaal zitten ze meer in de richting van de camera te gluren – hallo, Stefaan! Ja, je haar ligt goed, hoor, maak je maar geen zorgen! En, dag Roel! Je intrede is in ieder geval niet ongemerkt verlopen! Kan je die Humo trouwens niet thuis niet lezen? De stoel van Lybeer blijft overigens ook wel erg lang leeg. En wat is er zo interessant op die smartphone van Bral?!? – dan vooruit te kijken en de spreker te volgen. Als de gemeenteraad tot in de late uurtjes uitloopt, zullen er morgen heel veel met een stijve nek opstaan, vrees ik. Maar misschien wennen ze er mettertijd wel aan. Een oplossing zou kunnen zijn de camera op een andere plaats te zetten. Of met twee camera’s te werken: als er iemand van het bestuur aan het woord is, beelden van achter de raadsleden tonen en als er een gemeenteraadslid aan het woord is, beelden van achter het stadsbestuur tonen.

Hoe dan ook: het schouwspel is niet erg verheffend. Eerder ontluisterend. Hoewel, hoge verwachtingen heb ik nooit gekoesterd. De oppositie maakt vooral indruk door haar ongeïnteresseerd konkelfoezen, maar anderzijds nopen de uiteenzettingen van de sprekers uit de stadscoalitie ook niet echt tot enthousiast, actief luisteren. Ze gaan er blijkbaar ook van uit dat de gemeenteraadsleden niet kunnen lezen en lichten het Nieuw Plan Kortrijk tot in de details toe. Dat moet anders en veel beter kunnen.

Of die live-stream van de gemeenteraad enige meerwaarde heeft, durf ik te betwijfelen. Het is meer een gadget dan wat anders. Wie nog twijfelde of het interessant is de gemeenteraad bij te wonen, zal in het eerste anderhalf uur van die live-uitzending toch geen positieve motivatie vinden, denk ik.

Het kan verkeren.

Posted in Verkeer(d), Vlugschriften with tags , , on 13/04/2013 by Pär Ongeluck

Er was een tijd dat Marc Lemaitre, een niet onverdienstelijk blogger uit Kortrijk, zich met de regelmaat van de klok nogal kritisch uitliet over de toepassing van parkeersancties hier ter stede. Het waren soms amusante, soms schrijnende stukjes over de regelneverij van een ambtelijk denkend stadsbestuur; altijd geschreven vanuit een welgemeende bezorgdheid over hoe de overheid met haar burgers omgaat. Ondertussen is Marc van kamp gewisseld en zelf schepen van Mobiliteit van Kortrijk geworden. En blijven wij, lezers van zijn onvolprezen blog en geïnteresseerd in de fratsen van ons stadsbestuur, volledig van die informatie verstoken. Jammer, toch?

Tussen droom en werkelijkheid.

Posted in Vlugschriften, writers blog with tags , , , , , , , on 11/04/2013 by Pär Ongeluck

Al jaren weerklinkt in Kortrijk de mantra dat we moeten inzetten op jonge gezinnen. Als het van Wout Maddens afhangt dan vooral op jonge tweeverdieners. Alleenstaanden en alleenstaanden met kinderen zijn voor hem niet interessant wegens niet kapitaalkrachtig genoeg. Een jaar of drie geleden verspreidde Wout Maddens nog een perscommuniqué over die demografische evoluties en de stadsvlucht uit Kortrijk (ik schreef daar toen ook een blogpost over: https://perongeluck.wordpress.com/2010/05/24/het-orakel-maddens/). Wat men hierbij al te makkelijk vergeet is dat jonge gezinnen mettertijd ook ouder worden en niet zo geneigd zijn om hun, met veel moeite verworven plaats in de Kortrijkse samenleving, op te geven. En dus blijven ze waar ze zijn en worden ze oud – en dus ongewenst – in Kortrijk. Er was toen ook in geen velden een journalist te bespeuren die enig voorbehoud maakte bij de beweringen van Maddens. Jonge gezinnen zijn, aldus Maddens, op zoek naar een ‘betaalbare woning met privatieve buitenruimte, comfortabel, energiezuinig, in een groene omgeving, die ook kindvriendelijk en veilig is, en goed bereikbaar’.

Tot zover de theorie. In de praktijk werkte het voormalig stadsbestuur, via het AGB SOK (Stadsontwikkelingsbedrijf Kortrijk), een renovatieproject uit rond 3 ‘beluikhuisjes’ en 10 ‘stadskavels’ in de Pluimstraat en Slachthuisstraat. De grootte van de kavels varieert van 60 m² tot 142 m². Kandidaten moeten wel aan enkele voorwaarden voldoen. Ruw geschetst: een inkomensvoorwaarde (maximum 70.000 euro) en een leeftijdsvoorwaarde (minder dan 40 jaar). Bovendien verbinden de kopers zich ertoe om de huizen te slopen en opnieuw op te bouwen. De prijs werd voor alle panden vastgesteld op 300 euro per vierkante meter.

Ruim twee jaar later blijven er nog drie panden te koop. Ruth Vandenberghe van het SOK noemt dat in de jongste Stadskrant ‘een succes’. Volgens haar werd er een ‘mooie mix gerealiseerd van jonge gezinnen en alleenstaanden’. Ruth ‘vergeet’ wel te vermelden dat oorspronkelijk enkel gezinnen deze panden konden kopen. Pas toen men merkte dat de beoogde doelgroep – jonge gezinnen – niet bepaald stormliep voor de aangeboden kavels, konden ook alleenstaanden zo’n huisje aankopen. Ruth zegt er ook niet bij hoeveel van die 10 kopers nu ‘alleenstaanden’ en hoeveel ‘jonge gezinnen’ zijn. ‘Een mooie mix’ kan een verhouding 7/3 zijn. Of 6/4. Of nog iets anders. Ruth lijdt aan dezelfde kwaal als haar (voormalige) broodheren: winderigheid.

Gelooft men in het stadhuis overigens echt dat men met de verkoop van die panden jonge gezinnen aantrekt? Beantwoorden die kavels m.a.w. aan de criteria die Wout Maddens zo mooi verwoordde in zijn perscommuniqué van drie jaar geleden? Gaat het hier concreet over ‘betaalbare woningen met privatieve buitenruimte, comfortabel, energiezuinig, in een groene omgeving, die ook kindvriendelijk en veilig is, en goed bereikbaar‘? En, in tweede instantie: heeft dit project het beoogde resultaat?

Zijn deze woningen betaalbaar? Het is maar hoe je het bekijkt. De goedkoopste kavels kostten 18.000 euro. Op zich niet onoverkomelijk voor veel jonge gezinnen, neem ik aan. Alleen: je moet het krot platgooien en er een nieuw op plaatsen. Geen krot, voor een goed begrip. In de ‘architectuurbundel’ die bij dat stadskavelproject hoort, geeft architectenbureau arch-ID een voorbeeld van hoe zo’n kavel er zou kunnen uitzien en hoeveel dat dan wel mag kosten (Arch-ID was trouwens het enige architectenbureau dat zich daaraan waagde en dat verdient toch een eervolle vermelding). Zij komen op een totaalbedrag van 159.837,60 euro (in 2009). Zonder BTW, erelonen, schilderwerken en uitgaande van een gemiddelde afwerkingsgraad. Geraamde totaalprijs dus een kleine 200.000 euro. Iemand die wat ervaring met bouwen heeft, weet dat de werkelijke prijs niet zelden de geraamde prijs met 20 tot 30 procent overstijgt. Dat drijft de werkelijke kostprijs op naar misschien wel en slordige 250.000 euro. Voor dat geld krijg het jonge gezin dan een kleine nieuwe woning met twee slaapkamers. Niet echt een koopje, me dunkt. En welk jong gezin kan en wil zo’n bedrag ophoesten voor zo’n kleine woning?

Die percelen zijn in het prijsvoorbeeld amper 60 vierkante meter groot. Met een gevelbreedte van hooguit 4 meter levert dat een diepte op van 15 meter. Hoogstwaarschijnlijk is dat boven de eerste bouwlaag niet allemaal ‘bebouwbare oppervlakte’ en omwille van allerhande stedenbouwkundige voorschriften, mag je ook niet om het even wat bouwen. Zo kan ik mij inbeelden dat een garage niet mag omdat zo’n poort nu eenmaal niet zo mooi staat en bovendien het onveiligheidsgevoel in de straat verhoogt. Een relatief duur en klein huis zonder garage dan maar?

De kostprijs van de kavels werd nogal arbitrair vastgesteld op 300 euro per vierkante meter. Door de geringe oppervlakte van de percelen blijft de aankoopsom nog binnen de perken. Is die grond echter die 300 euro per vierkante meter wel waard? In de Spoorbermstraat kun je grond kopen voor 200 euro. Op de private markt! De percelen daar hebben dezelfde oriëntatie maar zijn groter (290m²) en breder (7,5m) waardoor de kans op wat ‘privatieve buitenruimte’ meteen ook groter is. In de Spoorwegstraat 53 in Wevelgem, vraagt men 197 euro per vierkante meter. In de verkaveling aan de Kazandstraat in Roeselare vraagt men 188 euro. In Heule kun je een stuk grond van 356 m² kopen voor 225 euro per vierkante meter. In de Kuurnse Bondgenotenlaan betaal je ongeveer 250 euro/m². Allemaal goedkoper dan wat je voor een af te breken pand (ook dat kost geld, trouwens) in de Pluimstraat of Slachthuisstraat in Kortrijk betaalt…. Dat er 2 jaar na de start van de actie van het SOK nog altijd drie panden in de Pluimstraat niet verkocht zijn, heeft niet alleen te maken met de prijs maar ook met de oriëntatie van die panden: zuid-oost. Dat betekent dat de zon pas vanaf het westen op de ‘privatieve buitenruimte’ valt. De zon gaat daar in het westen….

Privatieve buitenruimte‘, zoals Maddens dat noemt, kan je wellicht op je buik schrijven. Misschien dat er op de eerste verdieping een terrasje van enkele vierkante meter mogelijk is. Maar wat heb je eraan als de zon er nooit schijnt? Misschien zijn de buren ook niet blij met het verhoogd terras, wegens een ‘hinderlijke inkijk’. Of je moet een afsluiting plaatsen die zo hoog is dat er van die ‘privatieve buitenruimte’ nooit meer dan een koud schaduwplekje overblijft.

Dat een kleinere stadswoning ook ‘comfortabel en energiezuinig’ kan zijn, staat buiten kijf. De ‘groene omgeving, die ook kindvriendelijk en veilig is, en goed bereikbaar’, tja, zo zou ik de omgeving van de Pluimstraat en de Slachthuisstraat toch niet durven omschrijven.

Is het stadsbestuur nu met dit project geslaagd in zijn opzet om de stadsvlucht tegen te gaan en meer jonge gezinnen naar Kortrijk te lokken? Ik denk het niet. Het project is ook te kleinschalig om die doelstelling te verwezenlijken en bovendien zijn de aangeboden panden, gezien hun beperkingen, beter geschikt voor alleenstaanden en iets oudere paren waarvan de kinderen al het huis uit zijn. Maar die zijn duidelijk niet gewenst in Kortrijk…. Laat de prijs wat zakken, de leeftijdsvoorwaarde vallen en de verplichting om er de enige woning van te maken en de kavels zijn waarschijnlijk al lang verkocht, heropgebouwd en bewoond. Eventueel door jonge mensen. Of anders door iets ouderen die hun te grote huis aan een gezin met kinderen verhuren of verkopen.

De Grote Ziener, Stefaan De Clerck, stelde ooit nog een andere oplossing voor om jonge gezinnen naar Kortrijk te halen of te voorkomen dat ze er wegtrekken: we moeten met zijn allen compacter gaan wonen; niet meer halsstarrig vasthouden aan ons veel te groot geworden huis, als we dat eigenlijk al lang niet meer nodig hebben. Dat zei dus de man die zelf in een stulpje woont waar je zonder problemen een heel dorp uit de Mongoolse steppen in kunt huisvesten….. Tussen droom en daad staat meer in de weg dan enkel weemoedigheid, wetten en praktische bezwaren, zoals Elsschot het ooit verwoordde. Er is ook nog leugenachtigheid, kwaaie wil en domheid.

De vraag is ook of jonge gezinnen (de zo gewenste tweeverdieners, dan toch) wel zo massaal uit Kortrijk wegtrekken als onze bestuurslui onze willen doen geloven. In 1997 was in Vlaanderen 52,92% van de bevolking jonger dan 40 jaar; in Kortrijk was dat 51,76%. Een verschil van 1,16%. In 2000 was dat in Vlaanderen 51,28% en in Kortrijk 49,90%; een verschil van 1,38%. In 2006 was 48,03% van de bevolking in Vlaanderen jonger dan 40; in Kortrijk 46,66%. Een verschil van 1,35%. In 2012 zakte het aandeel personen jonger dan 40 jaar in Vlaanderen naar 46,55% en in Kortrijk naar 46,21%. Een verschil van nog amper 0,34%. (alle cijfers zijn te vinden op http://www.lokalestatistieken.be van de Vlaamse overheid). Het werkelijke probleem waarmee Kortrijk wordt geconfronteerd, is niet zozeer de stadsvlucht als wel de vergrijzing. Net als de rest van Vlaanderen. In het woonbeleid van de stad Kortrijk waren en zijn echter erg weinig maatregelen voorzien die inspelen op de gevolgen daarvan. In tegendeel, zelfs. Maar daarover misschien meer een andere keer.

Van Quickenborne laat een scheet.

Posted in Persweeën., Vlugschriften with tags , , on 06/04/2013 by Pär Ongeluck

Vandaag publiceert ene WER in de krant ‘Het Nieuwsblad’ een artikeltje met als titel ‘Van Quickenborne: ‘Bel me op 0495-846.936’ (zie: http://www.nieuwsblad.be/article/detail.aspx?articleid=DMF20130405_00531137 ). In de regionale editie van diezelfde krant doet BDV het nog eens dunnetjes over en bloklettert: ‘Burgemeester gooit gsm- nummer online’ (zie: http://www.nieuwsblad.be/article/detail.aspx?articleid=DMF20130405_00530653&_section=60849600&utm_source=nieuwsblad&utm_medium=newsletter&utm_campaign=regio-nb). In het artikel van de regionale scribent heet Vandermeersch overigens plots Van der Meersch…. Ook dat zegt iets.

Aanleiding voor deze artikeltjes was dat Van Quickenborne vrijdag, via de microblogsite Twitter, zijn mobiel nummer doorstuurde naar Peter Vandermeersch, hoofdredacteur van het Nederlandse NRC. Dat lokte bij een deel van het twittervolkje wat (negatieve) reacties uit. In ieder geval vormde deze ‘gebeurtenis’ een voldoende aanleiding voor de ‘journalisten’ en de krant om er 2 (twee!) artikels aan te wijden.

Dergelijke artikels zijn in de eerste plaats tekenend voor het niveau van de pers in deze contreien: geen inhoud en een totaal gebrek aan zelfstandig kritisch denken. Wat ooit de ‘vierde macht’ werd genoemd – soms ook de zevende – is verworden tot een doorgeefluik van de politiek, speelt kruiwagen voor wie het voor het zeggen heeft. Dàt is de werkelijke functie van de geaccrediteerde pers. Van Quickenborne beseft dat maar al te goed en maakt daar handig gebruik van. In zijn reactie illustreert Van Quickenborne het – onbewust – zelf nog eens: hij wilde Vandermeersch uitnodigen naar Kortrijk. Bij een normale werking van de pers zou Vandermeersch wel vanzelf komen als Van Quickenborne echt iets te vertellen had, me dunkt. Het omgekeerde riekt bijzonder kwalijk. Maar daar liggen politici en broodschrijvers niet wakker van. In tegendeel: het is een verbond waar ze allebei garen van spinnen.

Mijn gedacht!

Posted in Vlugschriften with tags , , , , on 04/04/2013 by Pär Ongeluck

Arne Vandendriessche heeft een blog (zie: http://www.arnevandendriessche.be/). Arne Vandendriessche is gemeenteraadslid en bij het grote publiek vooral bekend van de verkiezingsstunt ‘K35’, die hij samen met de academische hansworsten Nicolas Bouteca en Thomas Decreus serveerde. In de eerste plaats diende dat vehikel evenwel om hemzelf enige – broodnodige – naambekendheid te verlenen. Iets wat aardig lukte, overigens. Eens Vandendriessche verkozen was, stierf het initiatief dan ook, zoals voorspeld, een stille dood. Ook daarin onderscheidt Vandendriessche zich niet van de doorsneepoliticus. Ietsje meer blingbling, dat is alles.

In zijn laatste blogpost (http://www.arnevandendriessche.be/verdeel-en-heers/) laat Vandendriessche zijn ‘kritische’ blik waren over het ‘evenementenbeleid’ van de stad Kortrijk. Enfin, voor zover daar van enig beleid sprake was, want, aldus Vandendriessche, het organiseren van evenementen viel ten prooi aan de ‘verdeel-en-heerspolitiek’ van de vorige bewindsploeg. Een ploeg waarin zijn partij – Open VLD – trouwens mee de lakens uitdeelde. Arne plaatst één en ander ook in een ‘historisch’ perspectief. Zo meent hij te weten dat vzw FIK (Feest In Kortrijk) de opvolger is van het redelijk succesvolle ‘Kortrijk Bruist’ – dixit Vandendriessche – van voormalig schepen Bral. Maar, zo stelt hij nog, ‘deze VZW werd enkel nog verantwoordelijk voor de organisatie van de Sinksen. De rest van de initiatieven werd eruit gehaald en onder verschillende instanties ‘verdeeld’. Nog een aantal liet men doodbloeden’. Met andere woorden: vzw FIK was niet meer dan een schaamlapje en dat lag aan het beleid. NIET aan de vzw FIK zelf, dus. Enfin, toch niet volgens Vandendriessche en ‘iemand dicht bij het dossier’, die hij naar eigen zeggen consulteerde. Wie is ook alweer voorzitter van die vzw FIK? O, ja, huidig schepen Koen Byttebier. Net als Arne Open VLD’er en daarom ook volkomen onschuldig. Hoewel…. Frans Lavaert heeft op zijn blog minstens tien stukjes aan die vzw FIK gewijd (zie: http://kortrijkwatcher.be/; zoek maar eens op ‘Feest in Kortrijk’). Wat bij lezing van die stukken – dat had Arne ook beter gedaan voor hij zijn ‘gedacht’ op zijn blog pleurde – telkens weer terugkomt is het onvoorstelbare geklungel en geknoei, in combinatie met een ontstellend gebrek aan transparantie binnen die vzw FIK. En daar is in de eerste plaats de voorzitter voor verantwoordelijk….

Voor de volledigheid nog vermelden dat de rekenmachine van Arne defect is. Volgens Arne zou er vorig jaar 331.918 euro aan het eindejaarsgebeuren 2012 zijn uitgegeven. ‘146.081 door (6 verschillende diensten van!) de Stad, 95.334 onder Citymarketing, 29.900 door VZW FIK en de rest, 60.602, door het Handelsdistrict’, lamenteert Arne. Alles samen is dat echter 331.917 euro. Geen 331.918! Over de juistheid van de bedragen die Arne opdient, wil ik mij hier nu niet uitspreken. Zijn lezers moeten hem maar op zijn woord geloven. Ook daarin verschilt Arne niets van andere politici.

Aanvulling: K35 is ondertussen omgeturnd tot ‘Nieuw K35’ en kadert nu volledig in het zogenaamde inspraakproject van de stadscoalitie. Op 19 april is er in Café Congo zelfs een ‘hearing’ waarbij het Plan Nieuw Kortrijk aan de geïnteresseerde jongeren wordt voorgesteld. Het accent ligt nu, aldus K35, vooral op informeren. De Nieuwe K35 vergelijkt die hoorzitting volkomen ten onrechte met die van het Europees parlement (voor nieuwe commissieleden) en het Vlaams parlement (voor provinciegouverneurs). Arne en maten ‘vergeten’ daarbij gemakshalve dat die hoorzittingen voor een verkozen publiek doorgaan en dat die parlementen de mogelijkheid hebben om de kandidaten met een onvoldoende naar huis te sturen.