Archief voor januari, 2011

Liegeliegeliegebeest!

Posted in Vlugschriften on 29/01/2011 by Pär Ongeluck

In zijn commentaarstuk in Het Nieuwsblad van gisteren zegt Vermoere het niet in die bewoordingen maar uiteindelijk komt het er wel op neer: de plaatsvervangende burgemeester van Kortrijk is een leugenaar. Vermoere schrijft in zijn stuk dat hij weet heeft van een mail over cameratoezicht die door de secretaris van de stad Kortrijk naar alle gemeenteraadsleden van Kortrijk, Kuurne en Lendelede stuurde. Die mail diende als voorbereiding voor de gemeenschappelijke informatievergadering van 26 januari voor de gemeenteraadsleden van de gemeenten die verenigd zijn in de politiezone Vlas. Met een gunstige wind kwam die mail ook in handen van Kortrijkwatcher en die maakte daar prompt melding van. Vermoere bevestigt ook de inhoud ervan in zijn commentaarstuk. Open VLD had dat trouwens ook al gedaan. Wat dan te denken van de uitlating van Lybeer op de persconferentie van 26 januari waarin hij die 40 geplande camera’s afdoet als onzin? Veel mogelijkheden zijn er niet. Ofwel staan Kortrijkwatcher, Open VLD en Vermoere in koor te liegen, wat mij toch heel sterk lijkt. Ofwel kent Lybeer de inhoud van de mail niet, wat heel onwaarschijnlijk is. Ofwel neemt Lybeer een loopje met waarheid. Voor Vermoere is het in ieder geval duidelijk: Lybeer sleept met zijn uitspraak meteen een nominatie in de wacht voor de Liegebeestverkiezing van het Jaar.

Advertenties

U bent alweer gezien!

Posted in writers blog on 27/01/2011 by Pär Ongeluck

Niet geheel toevallig waarschijnlijk verschijnt net vandaag op de website van de stad Kortrijk een bericht over het cameradossier, getiteld: ‘Geen overhaaste beslissingen in het cameradossier.’ Enkele citaten en bedenkingen.

‘De stad en de politiezone Vlas willen echter beklemtonen dat er geen drastische stijging is van de criminaliteit in de stad; zo wijzen ook de recentste veiligheidscijfers uit. Wel merken de veiligheidskorpsen een verschuiving op waarbij de stad meer en meer te kampen heeft met straatcriminaliteit, wat moeilijker te beheersen valt met klassieke patrouilles.’

Deze uitspraak staat in schril contrast met de meest recente criminaliteitsanalyse van de politiezone Vlas. Ik citeer uit de inleiding van dat rapport: ‘De misdrijven tegen de eigendom stegen in 2009 met 3 % van 4856 tot 4994. Eigenlijk namen enkel diefstal en afpersing in Kortrijk toe (+ 9%), in Kuurne en Lendelede was er een daling van diefstal en afpersing. De andere misdrijven tegen de eigendom namen af: bedrogsmisdrijven tegen de eigendom met 14 % en gewelddadige misdrijven tegen de eigendom (grotendeel vandalisme) met 3 %. Het totaal aantal gewelddiefstallen en afpersingen, dat sedert 2003 in stijgende lijn verliep, nam niet verder toe, maar nam af van 179 naar 144.’ Hierbij dient zeker opgemerkt dat het wat diefstallen vooral fietsdiefstallen in de buurt van het station betreft. In 2009 werden 194 fietsen meer gestolen dan in 2008. Nog enkele opvallende vaststellingen uit die analyse: een afname van diefstallen uit auto’s, een lichte vermindering van het aantal autodiefstallen, net als de inbraken in gebouwen, een sterke afname van de handtasdiefstallen, diefstallen gewapenderhand en een gevoelige stijging van de zakkenrollerij. Dat soort criminaliteit willen de burgemeester en de politie dus tegengaan met cameratoezicht….. Als zelfs het slachtoffer niet voelt dat hij wordt gerold, lijkt het mij bijzonder onwaarschijnlijk dat je dat wel zal kunnen met een camera. Zelfs niet met een camera van 20.000 euro… De schrijver van het artikel op de website van de stad Kortrijk maakt hier in één zin twee denkfouten. Hij vertrekt om te beginnen van een niet bewezen verschuiving in de criminaliteit (het betreft geen tendens die zich al verschillende jaren aftekent) en koppelt daar een remedie aan die ook nog nergens zijn nut bewezen heeft: straatcriminaliteit valt makkelijker te beheersen met camera’s dan met klassieke patrouilles. Dat is je reinste onzin, die alleen uit de koker van een blind voorstander van cameratoezicht kan ontsproten zijn of aan het ‘brein’ van een politieman die te schijterig is om buiten te lopen.

Het artikel gaat verder met: ‘Ervaring en studie leren dat camera’s effectief criminaliteit doen dalen (vooral gewelddelicten, inbraken en autobraak).’ Nou, dan moet de schrijver dringend eens de criminaliteitsanalyse van de politiezone Vlas lezen want daar staan heel andere bevindingen in! ‘Ervaring en studie’ mogen de ongeoefende lezer dan misschien goed in de oren klinken, het betekent nog niet dat het waar is. Die ervaring zou op zijn minst toch uit vaststellingen moeten blijken. Vaststellingen die dan in een rapport worden verzameld. Dat rapport bestaat! En het vertelt iets anders. De steller van het artikel weet dat echter niet of – wat nog erger is – hij legt het moedwillig naast zich neer. En die studies dan? Welke studies bedoelt hij? Waarom vermeldt hij ze niet? Iemand die overduidelijk zelfs de criminaliteitsanalyse van de eigen politiezone niet heeft gelezen, heeft zijn geloofwaardigheid wat dat betreft al lang te grabbel gegooid.

Verder in het artikel volgt dan een opsomming van andere steden die cameratoezicht hanteren. Dat lijkt voor de schrijver een legitimatie om het dan ook maar in Kortrijk toe te passen. Volgens deze amateur-criminoloog weten aspirant-criminelen ook wel waar er cameratoezicht is en waar niet en verschuiven ze hun activiteiten nu naar die steden die nog geen cameratoezicht hebben. Naar Kortrijk, dus. Letterlijk: ‘Ook doorwinterde criminelen kennen dit overzicht waardoor er al snel een soort aantrekkingskracht ontstaat naar steden die op heden nog niet met camerabewaking werken. Een fenomeen dat Kortrijk uiteraard wil tegengaan.’ Waar haalt die man die wetenschap eigenlijk?!? Heeft hij daar studies over? Zo ja, welke? Mensen uit het ‘milieu die uit de biecht klappen? Of moeten we besluiten dat hij bij het bedenken van die zinsnede niet verder dan zijn eigen duim kwam?

Het bovenstaande maakt vooral duidelijk dat het stadsbestuur en de politie geen middelen schuwen om het door hen, om heel dubieuze redenen, zo gegeerde cameratoezicht bij brede lagen van de bevolking aanvaardbaar te maken. Desinformatie en manipulatie van gegevens – zoals in het artikel op de website van de stad – vormen daar twee uitstekende voorbeelden van.

Cameragate.

Posted in writers blog on 27/01/2011 by Pär Ongeluck

In navolging van Watergate, Nipplegate, Cablegate, Climategate, Monicagate en honderden anderen (voor een onvolledige lijst zie http://en.wikipedia.org/wiki/List_of_scandals_with_%22-gate%22_suffix) heeft Kortrijk nu eindelijk ook een eigen informatielek: cameragate. Burgemeester Lybeer vond het – volgens Freddy Vermoere van Het Nieuwsblad – zelfs nodig om een persconferentie over het onderwerp te beleggen. Op die persconferentie deed de burgemeester – opnieuw volgens Vermoere – de berichtgeving die Kortrijkwatcher Frans Lavaert op zijn blog de wereld instuurde, af als ‘onzin’. Kortrijkwatcher was door ‘een gunstige wind’ in het bezit gekomen van het politierapport over de uitbreiding van vaste en mobiele camera’s, zoals het op de laatste politieraad aan de leden was voorgesteld. Daarin was sprake van een veertigtal camera’s. Plaatselijk klokkenluider Kortrijkwatcher was trouwens niet de enige die over dat politierapport berichtte. De OpenVLD had via de geaccrediteerde pers al laten weten dat het heel positief staat tegenover het Cameraplan.

Volgens Lybeer komen er dus geen veertig camera’s. Hooguit een tiental, zegt hij. ‘De plaatsen waar er zo goed als zeker een camera bijkomt, zijn de Grote Markt, de stationsbuurt en de Zwevegemsestraat. ‘Voor de rest is het afwachten wat de resultaten zijn van een onderzoek dat een studiebureau daarover doet.’, aldus Lybeer, in een artikel dat Vermoere vandaag op de website van Het Nieuwsblad publiceerde. Wat en hoeveel ‘de rest’ is heeft Vermoere jammer genoeg niet gevraagd. ‘De rest’ zou m.a.w. best wel eens ‘dertig’ kunnen zijn. Vermoere laat ook na te vermelden welk studiebureau dat onderzoek zal doen, wat dat gaat kosten, enzoverder. En wat is trouwens de meerwaarde van een studiebureau als je met de criminaliteitsbeeldanalyse en de veiligheidsmonitor zelf al heel gedetailleerde en nuttige rapporten in huis hebt?!?

Op de persconferentie illustreerde Lybeer ook nog maar eens hoe infantiel en weinig onderbouwd zijn motivatie om meer camera’s op het openbaar te plaatsen wel is: in andere steden in West-Vlaanderen of daarbuiten hebben ze er zelfs meer. Waarop hij zijn secondant, korpschef Stefaan Eeckhout, een lijstje met het aantal camera’s in andere steden laat opdreunen. Als ik als kind bij mijn vader afkwam met zo’n dwaze redenering om mij te verantwoorden voor het kattenkwaad dat ik samen met vrienden had uitgehaald, antwoordde hij steevast: “en als je vriend in het kanaal springt, ga jij dat dan ook doen?” Mijn vader had meer verstand in zijn pink dan alle burgemeesters en politiecommissarissen van Kortrijk samen.

Wat mij echter het meest stoort is het gebrek aan openheid bij onze bestuurslui. Lybeer, Eeckhout en anderen beschouwen openbare veiligheid een beetje als hun privé-speeltuin. Een breed maatschappelijk debat over het onderwerp mijden ze als de pest en daardoor wekken ze ook de indruk dat er andere belangen spelen dan louter maatschappelijke. Kortrijkwatcher nu met de vinger wijzen omdat hij wél de informatie geeft waar de inwoners van deze stad recht op hebben, zegt vooral heel veel over het (on)democratisch gehalte van onze bestuurders. In combinatie met een gemuilkorfde of impotente pers is dat een uiterst gevaarlijke situatie. En dat is iets om je écht zorgen over te maken.

Wettig of degelijk?

Posted in writers blog on 24/01/2011 by Pär Ongeluck

In hun niet aflatende ijver om alles en iedereen onder de knoet te houden heeft het stadsbestuur een poosje geleden het Safe Party Zone label bedacht. Dat label is eigenlijk niets anders dan een identiteitscontrole op fuiven, gekoppeld aan een database met daarin de namen van de stoute kinderen. Wie stout geweest is komt er niet meer in. Daar beslist de burgervader over. Een moderne versie van wat Sinterklaas doet, quoi. Van bij het begin stelde de Commissie ter Bescherming van de Persoonlijke Levenssfeer zich vragen bij het systeem. – Nee, niet bij het Grote Boek van Sinterklaas! – In het bijzonder bij het wettelijk kader waarin het allemaal plaatsvindt. De Commissie heeft die vraag zelfs uitdrukkelijk aan het stadsbestuur gesteld: wat is het wettelijk kader waarin deze controles plaatsgrijpen. Of ze ook een afdoende antwoord gekregen heeft, is een ander paar mouwen. Op 14 december is er wel een vergadering tussen beide diensten geweest en als we de krant Het Nieuwsblad mogen geloven is daarmee nu een einde gekomen aan het gekissebis over het label tussen de Stad en de Commissie. Op 13 januari schreef Kris Vanhee, juridisch correspondent van de krant, dat de ‘Privacycommissie Safe Party Zone niet als onwettig beschouwt’. Omdat het in de krant staat is toch enige scepsis geboden. Niet alles wat je in de krant leest is immers juist of waar. Bij nader inzien zelfs bijzonder weinig, zo weet de geoefende lezer. Diezelfde lezer denkt bij lezing van de titel van het artikel van Vanhee dat het stadsbestuur nu eindelijk antwoord heeft gegeven op de vraag van de Privacycommissie. Bij lezing van het artikel blijft hij echter op zijn honger zitten. In het artikel van Vanhee staat helemaal niets over een nieuwe wet die mogelijk zou gestemd zijn, waardoor het systeem ingang zou kunnen vinden. Dat kan ook niet want er is gewoon geen nieuwe wet. Wat staat er dan wel in de krant? Een paar lijntjes uit een (telefonische?) mededeling van Alain Cnudde, de schepen van Jeugd. En wat zegt Cnudde volgens Vanhee? ‘De commissie is formeel: Safe Party Zone respecteert de regels van de privacy.’ Heeft de Privacycommissie gezegd dat er een wettelijk kader is voor het systeem? Nee, toch?!? Waarom schrijft Vanhee dan dat de Privacycommissie het label niet als onwettig beschouwt?!? Op 14 januari publiceert Team Jeugd op de website van de stad dan een gelijkaardig artikel. In dat artikel citeert men letterlijk uit de brief van de Privacycommissie: ‘… Wat de privacywet zelf betreft, kan vastgesteld worden dat er bij de uitwerking van het project aandacht besteed wordt aan een correcte verwerking van verzamelde persoonsgegevens. Een uitgebreide informatieverstrekking, zoals gevraagd in artikel 9 van de privacywet, is voorhanden. Zo zijn er ondermeer flyers beschikbaar, hangen er posters omhoog aan de inkom van de fuiven en is een deel van de website van de stad Kortrijk voorbehouden voor informatie rond Safe Party Zone….’ Opnieuw geen woord over een wettelijk kader waarin het Safe Party Zone label. Heel terecht merken Alain Cnudde en Team Jeugd op dat de Privacycommissie de degelijkheid van het systeem erkennen maar dat maakt het allemaal nog niet wettig. Een nuance die hen blijkbaar ontgaat. Gewild of ongewild? Een journalist zou dat kunnen opmerken maar vergeet niet dat we hier in Kortrijk zijn. Journalisten noteren alleen, zij merken niet op. Ik kan mij in ieder geval niet van de indruk ontdoen dat zowel Team Jeugd als Alain Cnudde maar de helft van het verhaal vertelt. Juist die helft die het label bij brede lagen van de bevolking aanvaardbaar moet maken. Over de wettelijkheid van het systeem zwijgen ze als vermoord. En dat stemt tot nadenken. Benieuwd wat er gebeurt als het eerste ‘slachtoffer’ van dit systeem naar de rechtbank stapt…..

Toevallig? Of niet?

Posted in Vlugschriften on 21/01/2011 by Pär Ongeluck

Of het zo toevallig is, weet ik niet maar feit is wel dat het fallussymbool van Kortrijk op collegegrond staat. In de toekomst wil men op die gronden nu zelfs een nieuw, nog hoger gebouw erecteren!

Groot Broer Koekeloer.

Posted in writers blog on 21/01/2011 by Pär Ongeluck

De laatste tijd valt er in de geschreven pers nogal eens wat te lezen over de veiligheid in Kortrijk. Of eerder over het gebrek aan veiligheid alhier. Dat komt in de eerste plaats omdat de politie en politici van deze stad alarmerende berichten lekken als zou Kortrijk het Chicago van Vlaanderen zijn. Om zodoende een breder platform te creëren voor de introductie van meer cameratoezicht. Ook de rol van de plaatselijke pers mag in dit verhaal niet onderschat worden. Onze politici en politiecommissarissen zijn zich er heel goed van bewust dat het de pers van Kortrijk aan ieder kritisch inzicht ontbreekt en maken daar handig gebruik van. De lokale broodschrijver trekt namelijk NOOIT de mening van gezagsdragers in twijfel. Het is de journalist ook ten allen tijde verboden zich zelf een mening te vormen over maatschappelijke problemen, zelf informatie te verzamelen of zelf onderzoek te doen. De plaatselijke journalist mag enkel kritiekloos noteren wat uit de mond van een plaatselijk vooraanstaand politicus of één van zijn acolieten walmt. Of dit een redactionele politiek is of louter domheid doet hier niet ter zake. Het is wat het is. Een overzichtje van wat er de laatste maanden zoal werd geschreven.

Op 13 oktober 2010 titelde de peetvader van de Kortrijkse misdaadjournalistiek, Kris Vanhee, ‘Camera’s moeten diefstallen voorkomen’. In een onnavolgbaar soort Nederlands laat Vanhee waarnemend burgemeester Lybeer aan het woord: ‘Zo willen we geweld ontmoedigen en de daders sneller vatten. We moeten vermijden dat overvallen, zoals die na het Student Welcome Concert, niet meer kunnen gebeuren.’ Huh?!? ‘We moeten vermijden dat overvallen niet meer kunnen gebeuren?!? Dat de voorzitter van het misdaadsyndicaat van Kortrijk zoiets verkondigt, dat kan ik begrijpen, maar bij mijn weten is dit één van de weinige jobs die Lybeer nog niet met die van burgemeester cumuleert. Waarschijnlijk is dit enkel een voorbeeld van wat de aandachtige lezer al lang weet: de berichtgeving in de lokale pers is uiterst slecht geschreven en moet met een flinke korrel zout worden genomen. Zoveel zout dat het een wonder mag heten dat er ooit een tekort aan strooizout is ontstaan. Lybeer gaat er van uit dat zijn camera’s op het openbaar domein een ontradend effect op potentiële misdadigers zullen hebben. Nergens haalt hij echter ook maar 1 studie aan die zijn stelling bewijst. En vanzelfsprekend vraagt de journalist hem er ook niet naar of doet hij zelf enig onderzoek naar die stelling. Nee, de lezer krijgt het als een onbetwistbare waarheid door de strot geduwd. Een werkwijze die politici niet helemaal onbekend is maar die door een pers die naam waardig normaal makkelijk wordt doorprikt. Niet in Kortrijk, dus. In Kortrijk doet de pers juist hetzelfde als de gezagsdragers.

Op 29 oktober betoogt Freddy Vermoere, hierin gesteund door korpschef Eeckhout, in een ronduit xenofoob artikel dat er meer camera’s moeten komen om het geweld van de Oost-Europeanen in te dijken. Om de gemoederen nog wat meer op te hitsen voegt Vermoere er nog enkele getuigenissen van cafébazen, de vox populi van Kortrijk, aan toe. Maar nog altijd geen enkel wetenschappelijk onderbouwd argument. Het schrijnend gebrek aan steekhoudende argumenten bij Lybeer en Eeckhout is ook nu weer effenaf pijnlijk.

Op 15 december besteedt alweer regiochef Freddy Vermoere aandacht aan het feit dat niet iedere gemeente in de politiezone VLAS plat gaat voor cameratoezichtt. Kuurne en Lendelede zien er het nut niet zo van in. In Kuurne geeft men de voorkeur aan stewards en bewakers. In Lendelede gebeurt niets dat zo’n investering zou verantwoorden. Waarschijnlijk speelt de prijs (20.000 euro per camera, zo schrijft Vermoere) daar ook wel een rol in. In die 20.000 euro zitten dan nog niet eens de kosten voor onderhoud en van het personeel. Toch, aldus Vermoere, twijfelt in Kortrijk amper nog een politicus aan het nut van vaste camera’s als middel tegen overlast en criminaliteit. Zowel de korpschef als burgemeester Lieven Lybeer (CD&V) zijn grote voorstander, evenals veel handelaars en de meeste andere politieke partijen. Eeckhout, Lybeer, die andere politici van Kortrijk en de handelaars laten zich bij deze dus leiden door hun buikgevoel. Zij nemen met andere woorden geen beslissingen op basis van kurkdroge cijfers, argumenten en statistieken – iets wat je bij een investering van die omvang toch zou mogen verwachten – maar door niets anders dan hear-say en hun ‘gevoel’. Onvoorstelbaar eigenlijk en niet meteen een voorbeeld van goed bestuur. Nochtans bestaat er voldoende wetenschappelijke literatuur en beschikken onze politici met de criminaliteitsbeeldanalyse 2009 van de eigen politiezone over een uitstekend basiswerkje om één en ander te verantwoorden. Dat zij daar allemaal geen gebruik van maken zegt heel veel over de ernst waarmee deze stad wordt bestuurd. Dat ook de pers dit alles negeert is zo mogelijk nog frappanter. Of toch ook weer niet.

Op 30 december is het weer de beurt aan Vanhee. Hij is van oordeel dat ‘de camera’s in het station en K hun nut bewijzen‘. Dat heeft hij van minister Van Quickenborne. En dus moet het wel waar zijn. Dat Van Quickenborne in zijn hoedanigheid van minister niet meteen enige autoriteit heeft als het over camera’s ontgaat Vanhee even. Dat gebeurt trouwens wel vaker bij onze persjongens. Volgens Van Quickenborne werden er met de hulp van camera’s in het station niet minder dan zesentwintig fietsdieven opgemerkt! Zesentwintig! Opgemerkt! Er staat niet dat ze gevat werden….. En als je weet dat er jaarlijks, in Kortrijk alleen al, zo’n 1000 fietsen gestolen worden dan is 26 eigenlijk maar een pover resultaat. (In het station van Kortrijk hangen 40 camera’s.) Verder werden er, volgens commissaris Devriendt, door de lokale politie bij de NMBS ook nog eens 19 vragen gesteld om beelden te mogen bekijken. De helft van die beelden – negen of tien, dus – leidde tot identificatie van verdachten. Hoeveel, waarvan ze verdacht werden, enzoverder, we komen het niet te weten. Wat we wel te weten komen is dat een politiecommissaris niet geacht wordt precieze cijfers te geven of de helft van 19 te kunnen bepalen. Volgens gadgetminister Van Quickenborne worden in het Gouden Kalf, een binnenstedelijk koopcentrum, maar liefst 70% (van de 80 gemelde gevallen) van de diefstallen aldaar opgelost dankzij de aanwezige camera’s. Vanzelfsprekend maakt Vanhee hierbij niet de voor de hand liggende opmerking dat camera’s in winkels toch wel iets anders zijn dan camera’s op het openbaar domein. Welke resultaten hebben de camera’s die nu al op het openbaar domein her en der verspreid staan overigens al opgeleverd? Kan onze vriend, commissaris Eeckhout, ons daar eens over inlichten? Of de pers de burgemeester daar eens een vraag over durven stellen? Waarom gebeurt dat eigenlijk nooit?!?

Woensdag 19 januari was het dan de beurt aan Oscar De Winter om zijn duit in het zakje te doen. In een aangrijpend getuigenis doen commissarissen Devriendt en Eeckhout hun beklag over beschadigingen aan politiewagens en privévoertuigen van politiemensen in de Oude Vestingstraat. Om die te voorkomen eisen ze nu – ja, wat dacht je anders? – camera’s! Hoe voorspelbaar en doorzichtig! Volgens de commissarissen lopen de vandalenstreken de spuigaten uit: ‘Er worden krassen getrokken in het koetswerk, banden worden lek gestoken en we vinden regelmatig afgebroken spiegels. Waarschijnlijk willen de vandalen hun frustratie uiten nadat ze in het politiebureau iets moesten uitleggen.’ Er loopt duidelijk iets mis bij de politie want zelfs het kleinste kind weet dat dergelijke impulsmisdrijven meteen na de feiten gebeuren. Blijkbaar hebben ze dat bij de politie van Kortrijk nog niet altijd door en worden potentiële vandalen bij hun bezoek aan het politiecommissariaat onvoldoende begeleid. ‘Maar’, zo vervolgt Devriendt, ‘de vandalen slaan vooral ’s nachts en tijdens het weekend toe, als er weinig sociale controle is. Het fenomeen is ook wel gerelateerd aan het uitgaansleven.’ Kijk, dat begrijp ik nu eens niet: ze weten bij de politie perfect wanneer die vandalenstreken uitgevoerd worden en toch slagen ze er niet in ze te voorkomen of zelfs maar daders te vatten. Het ontradend effect van die eventuele camera’s moet ook niet overdreven worden. De kans is zelfs vrij groot dat het fenomeen zich omwille van die camera’s gewoon naar andere straten verspreidt. En wat doen die privévoertuigen van de politie eigenlijk in de Oude Vestingstraat?!? Dat ze er staan is al een aanfluiting voor het parkeerbeleid dat in deze stad wordt gevoerd. Langparkeerders moeten volgens dat parkeerbeleid namelijk uit de stadskern. Dat heeft ene Isabel Cossement, communicatieverantwoordelijke van de directie Mobiliteit en Infrastructuur, mij ooit nog eens haarfijn uitgelegd (zie https://perongeluck.wordpress.com/2009/02/12/verkeerd-geparkeerd/). Die politiemensen lachen met dat parkeerbeleid en Isabel en zetten hun auto zo dicht mogelijk bij hun werk. In de Oude Vestingstraat, dus. De volgende vraag die dan rijst is: een hele dag in de Oude Vestingstraat parkeren is toch verschrikkelijk duur? Hoe lossen die politiemensen dat op? Komen ze tijdens hun werk snel even terug om een ticketje te kopen? Maken ze gebruik van het sms-parkeren? Of bestaat er misschien een gentleman’s agreement met Parko om bepaalde voertuigen niet te controleren? Wordt er in de Oude Vestingstraat eigenlijk wel gecontroleerd door Parko? Ik vind dat de bekentenis van Devriendt in ieder geval meer vragen oproept dan ze oplost. Vragen die de Kortrijkse journalist echter nooit stelt…..

Uit het voorgaande blijkt vooral dat politie en politici heel erg graag meer cameratoezicht op het openbaar domein willen maar vooral dat hun motivering ook bijzonder zwak is. Dat is verontrustend. Dat die camera’s er zullen komen, staat als een paal boven water, maar tegen welke prijs blijft een groot vraagteken. Het is overigens helemaal niet zeker dat de veiligheid in Kortrijk erop vooruit zal gaan. En daar was het toch allemaal om te doen.

Het Jaar van het Kalf.

Posted in Cijfers en Letters., Het Gouden Kalf on 15/01/2011 by Pär Ongeluck

Het einde van het jaar is altijd een moment voor terugblikken en evaluaties. Dat is op deze blog niet anders. Tijd dus voor enige toelichting bij de werkaanbiedingen en werkloosheidscijfers van 2010. Het jaar 2010 werd wat Kortrijk betreft gekenmerkt door de opening van het Gouden Kalf, een binnenstedelijk winkelcentrum in hartje Kortrijk. 2010 is dus het Jaar van het Kalf. Of zou dat moeten geweest zijn. Ik wil het nu even niet hebben over de fenomenale bezoekersaantallen. Ik denk dat ondertussen enkel nog een verdwaasde shopmanager en enkele goedgelovige broodschrijvers van de plaatselijke pers die cijfers nog ernstig nemen. De cijfers van werkloosheid en werkaanbiedingen vertellen een heel ander en geloofwaardiger verhaal. Omdat die echter niet passen in de hoerastemming die men rond het Gouden Kalf opgehangen heeft, worden die cijfers echter doodgezwegen. Eerst de werkloosheid.

Werkloosheid.

De werkloosheid verminderde in het zorggebied Kortrijk van 2969 eind 2009 naar 2511 eind 2010. Een daling van precies 458 eenheden of 15,42%. Deze daling is echter geen exclusief Kortrijks fenomeen, maar doet zich in heel de regio in meer of mindere mate voor. In het arrondissement Kortrijk zakte de werkloosheid in diezelfde periode van 8886 naar 7628. Dat zijn er 1258 of 14,15% minder, in het arrondissement Roeselare van 3615 naar 3033 (16,09%) en in het arrondissement Tielt van 1814 naar 1572 (13,34%). Er is niets dat er op zou wijzen dat die daling aan de opening van het Gouden Kalf toe te wijzen zou zijn. Ook in streken die niet het twijfelachtige genoegen van de opening van een winkelcentrum mochten smaken tekent zich eenzelfde, dalende, tendens af. In het arrondissement Brugge bijvoorbeeld waren er in die periode ook 758 werklozen minder (-9,71%). In het arrondissement Veurne daalde de werkloosheid met 14,64%. ALS het Gouden Kalf al een effect had op de werkloosheid dan is dat marginaal.

Werkaanbiedingen.

De gladde verkopers van Foruminvest en hun plaatselijke trawanten beweerden dat het Gouden Kalf voor meer dan duizend voltijdse bijkomende arbeidsplaatsen zou zorgen. Later werd dit afgezwakt tot 800 arbeidsplaatsen zonder meer. In ieder geval zou zo’n fantastisch aantal werkaanbiedingen merkbaar moeten zijn in de statistieken. Zeker in centrumstad Kortrijk, de plaats waar het koopcentrum gevestigd is. Eind 2009 had de VDAB voor het zorggebied Kortrijk 5679 aanbiedingen binnen. 2009 was een crisisjaar. In 2010 verzamelde de VDAB 5651 vacatures. Minder dus dan in 2009. In het arrondissement Kortrijk daarentegen viel er wel een stijging van het aantal werkaanbiedingen te noteren: van 11056 in 2009 naar 11922 in 2010. De stijging situeert zich overigens uitsluitend in de rurale satelietgemeenten van Kortrijk, Wevelgem en Waregem. Ook in de andere arrondissementen – in schril contrast met megapolis Kortrijk – was er een gevoelige stijging van het aantal werkaanbiedingen in 2010. In het arrondissement Roeselare steeg het aantal vacatures van 6546 in 2009 naar 8988 in 2010. En in het arrondissement Tielt steeg het aantal werkaanbiedingen in diezelfde periode van 1808 naar 2347. De stijging van het aantal vacatures in het arrondissement Kortrijk en de omringende arrondissementen valt  in ieder geval met zekerheid NIET toe te schrijven aan de opening van het Gouden Kalf. Als er al een verband zou zijn tussen de opening van het Gouden Kalf en het aantal werkaanbiedingen dan zou de enig mogelijke conclusie zijn dat het koopcentrum voor een daling van het aantal werkaanbiedingen gezorgd heeft. Maar zo ver wil ik het nog niet drijven.