Archief voor maart, 2009

de Boorman files

Posted in De afrekening, Persweeën. with tags , , on 25/03/2009 by Pär Ongeluck

Kortrijk door vreemde ogen bekeken

“Een Engelstalige toerist bezoekt de Stad Kortrijk en schrijft zijn bevindingen neer in een online dagboek. Toerisme Kortrijk plaats verschillende tekstjes regelmatig op haar pagina’s op deze website. Je krijgt dus op bepaalde momenten in het jaar een nieuw stukje tekst van de toerist te zien. Toerisme Kortrijk biedt de teksten in originele Engelse vorm aan.”

Zo kondigt de dienst toerisme op de blog van de stad een Engelstalig online dagboek van ene Denzil Walton aan. De dienst toerisme zit namelijk niet stil en struint onafgebroken het internet af op zoek naar mensen die over Kortrijk schrijven. En op hun queeste stieten zij, o, toeval, op het online dagboek van Denzil Walton. Een online dagboek dat enkel op de site van stad Kortrijk online staat, maar wie maalt daarom? En in het Engels geschreven is, but who cares?

Wie is Denzil Walton, zo vraagt een mens zich af. Denzil Walton is een broodschrijver. Juister gesteld: hij is een zelfstandig ‘technical copywriter’. De vijftigjarige biochemicus woont al zo’n 20 jaar met zijn gezin in Kortenberg en omdat hij zijn dagen toch niet in volslagen leegheid wil doorbrengen, schrijft hij toeristische wandelgidsjes voor Engelstaligen. De meeste van zijn stukjes worden gepubliceerd in The Bulletin, een tijdschrift voor Engelstaligen in Brussel. Normaal schrijft hij over zijn wandelingen in het groen van de Brusselse rand maar nu heeft hij zijn actieterrein dus naar de meer verstedelijkte omgeving verplaatst. Meer in het bijzonder naar Kortrijk, dus.

Toerisme Kortrijk noemt het een ‘dagboek van een Engelstalige toerist’ die de stad Kortrijk bezoekt. (waarom ‘stad’ met een hoofdletter geschreven wordt is mij een raadsel). Volgens Van Dale is een dagboek ‘een boek waarin men dagelijks aantekeningen maakt’. Van Dale is ook niet altijd even onthullend, maar goed. In het dagboek van een Engelstalige toerist in Kortrijk verwacht je meer te lezen over het waarom van zijn bezoek, hoe hij zijn trip voorbereid heeft, zijn aankomst ter stede, eerste impressies, waar hij wat gegeten heeft, hoe hij aan een stadsplan raakt (is de bewegwijzering wel goed?), hoe de inboorlingen hem helpen om op zijn plaats van bestemming te komen, wat hij bezocht heeft, welke café’s hij frequenteerde, hoe de bediening er was, of de prijzen betaalbaar zijn, enzoverder. Een dagboek is vooral een chronologische ordening van persoonlijke impressies. Niet zo bij Denzil! Denzil is een literair vernieuwer en zet met dit dagboek een nieuwe trend in de kroniekschrijverij in. Denzil ordent zijn impressies thematisch.

In een eerste deeltje heeft hij het over de moderne architectuur die je overal in Kortrijk schijnt te vinden. Aan de Collegebrug meent hij zelfs twee Japanse toeristen te ontwaren die het bouwsel uit alle mogelijke hoeken fotograferen (kan het cliché nog groter?). De echte dagboekschrijver zou geïntrigeerd zijn door dit schouwspel. Hoe kwamen die Japanners in dit godvergeten gat? Werden ze, net zoals Walton, vergoed voor hun bezoek of waren ze stomweg verloren gelopen? Hadden ze kimono’s aan? Laarzen? En waarom rijdt er niemand over die brug?!? Denzil stelt zich al deze vragen niet. Denzil is een broodschrijver. Wiens brood men eet, diens woord men spreekt.

Het tweede hoodstukje van zijn zogezegde dagboek wijdt hij aan de Kortrijkse musea. Terloops bevestigt hij ook nog maar eens de onwaarheden die over de Gulden Sporenslag verteld worden.

Nergens een woord over de talloze bouwputten die Kortrijk rijk is, het rampzalig georganiseerde openbaar vervoer, de toch wel opvallende leegstand in de winkelwandelstraten, de slechte toestand van het wegdek,….

En een volgende keer zal hij het – ongetwijfeld vol lof – over de Erfgoedwandeling en de nieuwe degustatiepasjes hebben. U bent gewaarschuwd!

Met alle respect, maar dit is geen dagboek. Stel je voor dat Anne Frank het in haar dagboek in lyrische bewoordingen enkel over de bezienswaardigheden van Amsterdam zou gehad hebben. Zou haar dagboek dan nog zo geloofwaardig en aangrijpend zijn?

Wat Denzil in zijn Kortrijks dagboek neerpent is niets anders dan een reclamefolder voor de stad Kortrijk. Een hedendaagse, maar literair minderwaardige, doorslag van wat Boorman en Laarmans in Lijmen en Het Been van Elsschot hem voordeden. Hoeveel betaalde stad Kortrijk hem hiervoor? Hoeveel nog onuitgegeven boekjes – wie weet worden het nog collectors items! – sleet Denzel aan de toeristische dienst?

Advertenties

niet gevraagd: uw mening

Posted in Persweeën. with tags , on 23/03/2009 by Pär Ongeluck

Hierbij een bloemlezing van ‘artikels’ op de vernieuwde stadsblog van Het Nieuwsblad waarop u wel en niet kunt reageren. Voor mij was het voldoende om mijn abonnement meteen maar stop te zetten.

Zo staat het u vrij om te reageren op:

  • Lentetocht in Kortrijk
  • Lentekriebels in Kortrijk
  • recente overlijdens in Kortrijk (jawel!)
  • Grote Prijs Tineke van Heule

U kunt uw mening NIET kwijt over:

  • steun van de provincie voor de Crooneborghs
  • de strijd is begonnen (een stukje over de komende verkiezingen)
  • monumentale gsm-mast op de Lange Munte
  • geen tegenbetoging voor moskee in Kortrijk
  • Euroshop heeft klacht voor racisme aan het been

Een goed verstaander heeft het meteen door: politiek geladen onderwerpen zijn op de blog van deze krant taboe. Het is ten zeerste aanbevolen enkel over koetjes en kalfjes te keuvelen. Vrije meningsuiting anno 2009…..

postnataal

Posted in Het Gouden Kalf, Persweeën. on 19/03/2009 by Pär Ongeluck
K in Kortrijk bouwwerf

Ook de stad Kortrijk heeft kennis genomen van de vertraging die zich voordoet op de werken aan het winkelcomplex K in Kortrijk. Uiteraard betreurt de stad het uitstel van de opening van K in Kortrijk. Iedereen had gehoopt het winkelcomplex dit jaar in gebruik te kunnen nemen om Kortrijk in ere te herstellen als winkelstad.

De stad wenst op korte termijn met Foruminvest te overleggen hoe het project in de best mogelijke omstandigheden en timing kan worden afgewerkt.

Deze vertraging op de werf doet echter niets af van het engagement van de stad om tegen september-oktober de verbeteringswerken op de grote invalswegen af te hebben. Nu reeds naderen de werken langs de as Gentsesteenweg hun afwerking. Ook de aannemer van de werken aan de Oudenaardsesteenweg doet er, ondanks de verschillende tegenslagen die zich reeds voordeden, alles aan om tegen de aanvankelijk geplande openingsperiode (september-oktober 2009) zijn werken af te hebben.

Het betekent concreet dat tegen eind dit jaar de grote hinder voor de Kortrijkse inwoner en bezoeker achter de rug zal zijn.

Dit fijn stukje proza stond vandaag op de website van de stad Kortrijk te lezen. De eerste streefdatum – midden september 2009 – was al langer achterhaald. Toen heette het nog dat het Gouden Kalf pas in november klaar zou zijn. En nu wordt het dus voorjaar 2010. Zal shoppend Vlaanderen dit wel overleven?, zo vraag ik mij af.

Let ook op de opmerkingen die in het zog van die mededeling volgen: “de aannemer van de werken aan de Oudenaardsesteenweg doet er, ondanks de verschillende tegenslagen die zich reeds voordeden, alles aan om tegen de aanvankelijk geplande openingsperiode (september-oktober 2009) zijn werken af te hebben.” Let op de verleden tijd bijvoorbeeld. De ‘aanvankelijk geplande openingsperiode’. Dat betekent niets anders dan dat men de hoop heeft opgegeven de werken nog klaar te krijgen tegen die datum. Die indruk wordt nog versterkt door de laatste zin waarin men laconiek meedeelt dat “tegen eind dit jaar de grote hinder voor de Kortrijkse inwoner en bezoeker achter de rug zal zijn.” Eind dit jaar is voor mij nog altijd december. Maar kom in september niet af dat de stad het niet op tijd heeft laten weten! Ze hebben zich bij deze nu al ingedekt. Wat bedoelt men trouwens met de zinsnede dat ” tegen eind dit jaar de GROTE hinder achter de rug zal zijn”? Betekent dat dan dat er enkel nog kleine hinder zal zijn?

Verkeerd geparkeerd (2)

Posted in Verkeer(d) on 18/03/2009 by Pär Ongeluck

Schets

Op een week tijd bericht Het Nieuwsblad twee keer over de parkeerproblemen die de bewoners van de Veldstraat ondervinden. De eerste keer betrof het de zoon van een bewoner die naliet een parkeerticket te betalen en daarvoor in een tijdsspanne bedacht werd met twee naheffingen. De tweede klacht kwam er van iemand die over de middag naar huis kwam om te eten, in de eigen straat geen parkeergelegenheid vond en dan maar ergens anders zijn voertuig achterliet. In een blauwe zone, als ik mij niet vergis. Ook deze persoon kreeg een betalingsopdracht toegestuurd.

Nu is het zeker niet mijn gewoonte om het (parkeer)beleid van de stad Kortrijk te verdedigen – er is hier namelijk geen sprake van een coherente visie op (o.a.) parkeren – maar deze keer heeft men het gelijk wel aan zijn kant: wie parkeert zonder te betalen krijgt een retributie aan de broek gesmeerd. Net zoals foutparkeerders zonder pardon mogen weggetakeld worden. Het zijn vrij eenvoudige regels waar geen uitzonderingen kunnen op gemaakt worden. In het eerste geval zou kunnen opgemerkt worden dat – als de zoon teminste ook in de Veldstraat woont – hij een tweede parkeerkaart had kunnen aanschaffen. Betalend, dat wel maar nog altijd stukken goedkoper dan retributies ophoesten. In het tweede geval had de bewoner zijn voertuig ook gratis en voor niks in de parking Veemarkt kunnen stallen. Of, als hij in een blauwe zone parkeert, zijn parkeerschijf gebruiken. Wie zich niet aan die gebruiksvoorschriften wenst te houden moet daar de gevolgen maar van dragen. Dat is een correcte toepassing van de regels die nu gelden. De vraag is enkel of deze regels wel zo correct zijn en of het niet anders kan.

De twee verhalen hierboven maken in ieder geval duidelijk dat er met het parkeerbeleid in Kortrijk iets aan de hand is. Daarom lijkt het mij nuttig en logisch om eens op een andere manier over het parkeerprobleem na te denken.

Oorzaken

Zoals iedere stad kent ook Kortrijk een parkeerprobleem. En zoals iedere stad voert ook Kortrijk – zelfverklaarde stad van creatie en innovatie – datzelfde parkeerbeleid dat men overal aantreft. Overal vind je blauwe zones, betalende zones, gratis zones en bewonersparkeerkaarten. Niks nieuws of creatiefs onder de Kortrijkse zon, dus. ‘Creatief Kortrijk’ betreedt gewoon de platgetreden paden, is ook op dit vlak een mythe.

In beginsel is de openbare ruimte van iedereen. Vroeger vormde dat ook geen enkel probleem. Er was er dan ook meer dan genoeg. Met de toenemende welvaart werden auto’s al snel gemeengoed maar onze steden evolueerden niet mee; files en parkeerproblemen werden ons deel. Om het parkeerprobleem op te lossen voerde men overal te lande betalend parkeren in. Uiteraard was dit voor bewoners een onhoudbare situatie en dus dacht de stad eraan de bewoners hierin tegemoet te kunnen treden door hen een parkeerkaart te geven.

Wie is er eigenlijk verantwoordelijk voor al die parkeerproblemen?

De bewoners? Gedeeltelijk wel want zij stallen hun auto niet in een garage. Om de eenvoudige reden dat ze vaak geen garage hebben. Zoals eerder al geschreven werd daar een mouw aangepast met de bewonerskaarten. Aan zo’n bewonerskaart heb je evenwel niks als alle plaatsen volzet zijn. Zoals de klagers van de Veldstraat hebben mogen ervaren.

Een tweede groep van overlastbezorgers wordt gevormd door mensen die om den brode in Kortrijk moeten zijn. Zowel zelfstandigen als werknemers. Die worden verwezen naar ofwel gratis parkings die op een flink eind van hun werkplaats liggen ofwel naar de ondergrondse parkeergarages die op jaarbasis zo’n €780 tot €900 kosten. Voor veel werkenden een halve maandwedde, dus. Wie op zaterdag werkt betaalt maandelijks nog €120 meer.

Een derde groep parkeerders zijn de pendelaars. Eventueel kunnen die hun wagen kwijt op de Tack-parking tegen €195 per jaar. Of gratis – als ze tijd teveel hebben, maar dat hebben ze niet – op de XPO-parking. Als er geen evenement is, tenminste.

Tenslotte zijn er de toevallige bezoekers. Die komen en gaan wanneer het hen uitkomt. Om te shoppen, naar het theater te gaan, de bibllliotheek, op restaurant, enzoverder. In feite is het vooral deze groep die voor het parkeerproblemen zorgt.

parkeerduur

Het parkeerbeleid in Kortrijk is hoofdzakelijk gebaseerd op het criterium tijdsduur. Wie kort parkeert kan overal in de stad terecht; voor hem zijn er blauwe zones, betalende zones, gratis zones en ondergrondse parkeerbunkers. Wie langer parkeert wordt uit de stadverdreven of verplicht naar de – zeker bij dagelijks gebruik – dure, ondergrondse parkeergarages te trekken. Van die langparkeerders veronderstelt de stad ook dat zij tijd en /of geld te over hebben en eventueel maar buiten de stad moeten parkeren. Door de uiterst gebrekkige organisatie van het openbaar vervoer in Kortrijk is dit echter niets meer dan ijdele hoop en zien langparkeerders zich verplicht om toch maar de stad in te trekken. Op dat vlak hinkt het parkeer- en verkeersbeleid van het Kortrijks stadsbestuur duidelijk op twee gedachten: enerzijds wil men de stad autoluw maken en weert men daarom langparkeerders, die weinig verkeer genereren, uit de stad maar anderzijds trekt men kortparkeerders die voor veel meer verkeer zorgen juist aan.Een soort bochtenwringerij die trouwens erg kenmerkend voor dit stadsbestuur is.

Voor de centrumbewoners gelden dan weer andere regels. Die krijgen een parkeerkaart. Ongeacht of ze een garage hebben. Voor 15 euro per maand (of €137,5 per jaar) kunnen die bewoners zelfs een tweede parkeerkaart krijgen. En wie in de buurt van een ondergrondse parking woont kan daar tegen een (relatief) gunstig tarief zijn (tweede) wagen kwijt. Dat lijkt mij iets teveel van het goede. Dergelijk beleid moedigt het straatparkeren op aan. En bevoordeelt de rijkeren die zich twee wagens kunnen veroorloven. Bewoners die toevallig wel een garage hebben krijgen op die manier ook nog eens een extraatje van de stad. Zij kunnen hun auto namelijkbuiten hun garage ook nog eens op straat kwijt. Wat ze ook doen en daardoor de parkeergelegenheid voor andere gebruikers beperken. Uiteindelijk moedigt men op die manier het onnodig gebruik van de wagen aan. Ten nadele van de fiets en het openbaar vervoer.

parkeernoodzaak

Als er al een onderscheid moet gemaakt worden tussen de verschillende groepen parkeerders is het zinvoller om op te splitsen volgens ‘noodzaak’ in plaats van volgens ‘parkeerduur’. Volgens ‘noodzaak’ krijg je enerzijds de bewoners, samen met zij die noodgedwongen naar Kortrijk komen om er pas na lange tijd weer te vertrekken en anderzijds de bezoekers die volkomen vrijwillig en meestal kort naar het centrum komen. Een doordacht parkeerbeleid zou hiermee rekening houden. In Kortrijk (of andere steden) is dat dus niet het geval. Net zoals in andere steden is het parkeerbeleid van Kortrijk geënt op de parkeerduur en niet op de noodzaak. Met alle ellende vandien, zoals ook uit de verhalen van de bewoners van de Veldstraat blijkt. Een parkeerbeleid gebaseerd op ‘noodzaak’ zou een stuk eerlijker en eenvoudiger zijn. In die optiek zou een mogelijke denkpiste kunnen zijn dat men het hele stadscentrum betalend maakt. Geen blauwe zones meer dus en ook geen gratis zones. En voor centrumbewoners één gratis parkeerkaart per huisnummer, op voorwaarde dat men geen garage heeft. Werkenden en pendelaars uit Kortrijk krijgen eveneens een permanente parkeerkaart. Eventueel beperkt tot de dagen die men in Kortrijk werkt of tot één bepaalde parking. Op die manier slaat men twee vliegen in één klap: bewoners hoeven geen schrik meer te hebben dat ze op de bon vliegen als ze eens noodgedwongen niet in hun eigen straat kunnen parkeren en werkenden en pendelaars hoeven geen fortuinen meer uit te geven aan parkeerbonnen. Wie in dit heel eenvoudige systeem wel betaalt – voor mijn part zelfs een pak meer – dat zijn die bezoekers die op vrijwillige basis naar Kortrijk komen. Maar dat zou makkelijk kunnen opgevangen worden met een goed functionerend openbaar vervoer. Gratis vanaf parkings die buiten het centrum gelegen zijn. Het stadscentrum, de bewoners, de bezoekers en het milieu kunnen er maar goed bij varen.

Blogcensuur!

Posted in Persweeën. on 16/03/2009 by Pär Ongeluck

Op 16 maart lukte het mij om op onderstaand bericht op de website van de stad Kortrijk te reageren. Benieuwd hoe lang deze reactie er nu blijft staan. Ik schat zo tot morgen, ergens in de voormiddag.

Ik had gelijk! God, wat zijn ze toch voorspelbaar die stadsjongens.

150 redacteurs en 25 webmasters

  • 11 weken 5 dagen geleden
  • 676 keer gelezen
  • 1 reactie
eventvlag lancering website

Niet alleen Kortrijk pakt begin 2009 met een vernieuwde site uit. Elf andere gemeenten uit de regio volgen binnenkort. De regio Kortrijk zet hiermee de toon voor een nieuwe generatie gemeentelijke websites in Vlaanderen.

Onder de noemer Digitale Regio Kortrijk werken twaalf gemeenten en Leiedal intens samen aan de vernieuwing van hun websites. Iedere gemeente ontwikkelt een eigen specifieke website met een eigen lay-out, inhoud en accenten. Achter elke site schuilt wel een gemeenschappelijke technologische visie en kennis. Bij de ontwikkeling van elke site staan de actuele noden van de eindgebruiker centraal.

Tijdens de afgelopen maanden heeft Leiedal intensief opleidingen georganiseerd voor ambtenaren die als redacteur of webmaster aan de slag gaan met de nieuwe websites. 150 redacteurs maakten tijdens een aantal vormingssessies kennis met de algemene principes van de sites en leerden omgaan met het systeem. Een 25-tal webmasters verdiepten zich in het nieuwe systeem Drupal en andere technische aspecten van de sites.

Reacties

<!–

    –> <!–

  • –>
    • Pär Ongeluck (niet geverifiëerd) schrijft

    • op 16 Maart, 2009, 19:24

    Er werd hen in die opleiding o.a. geleerd hoe ze vakkundig ongewenste kritiek kunnen verwijderen.

blogcensuur?

Posted in Verkeer(d) on 08/03/2009 by Pär Ongeluck

Mijn vorig stukje (Verkeerd geparkeerd?) plaatste ik ook als reactie op de blog van de stad Kortrijk (http://www.kortrijk.be/nieuws/tweede-stationshal-aan-de-minister-tacklaan-geopend#comment-119). Tot vier keer toe zelfs. Vreemd genoeg werd die maar even gepubliceerd. Korte tijd na publicatie verdween mijn reactie alweer op mysterieuze wijze. Waarschijnlijk heeft men in de zelfverklaarde stad van innovatie, creatie en design een beetje moeite met kritiek. Overigens stuurde ik hetzelfde stukje een maand geleden ook als mail naar alle gemeenteraadsleden. Ook zonder reactie. Of wat had je gedacht?